50 jaar uitblinken met precisiemachines
"Er is hier in Europa de laatste 50 jaar een stukje vakmanschap verloren gegaan"
In 2026 mag De Ridder Precisiemachines 50 kaarsjes uitblazen. Een mijlpaal die niet onopgemerkt voorbij zal gaan. Op 23 september nodigt het bedrijf klanten, leveranciers en partners uit naar Best. Daar zal het deze keer geen machines in de kijker zetten, maar wel tonen wat de kracht en de concrete impact is geweest van die machines die De Ridder nu al 50 jaar met succes in de markt zet. Een reis door verleden, heden en vooral toekomst. Want zaakvoerder Gerrit-Jan de Ridder blijft vooral vooruitkijken. "Omdat ik er nog altijd met zoveel passie in sta."
Van bij het eerste uur
Samenwerking. Het is de rode draad in vijftig jaar De Ridder. Al van bij de start. "Het begon toen het bedrijf waar mijn vader in loondienst werkte, te koop stond. Maar hij wilde de ervaring die hij had opgedaan met metaalbewerkingsmachines niet zomaar verloren laten gaan. Of we niet met zijn tweeën een bedrijf zouden opstarten? Ik moest mijn studies werktuigbouwkunde toen nog afronden, maar de microbe had me eigenlijk al gebeten. We maakten plannen. Ik was van bij de prille opstart betrokken, maar heb wel eerst nog mijn studies afgemaakt."
Expertise en service als pijlers
Zo ging op 1 januari 1976 De Ridder officieel van start. Een vliegende start mogen we wel stellen. Nog geen drie maand later werd al de eerste slijpmachine verkocht, een Jung HF50 RD. Een kwarteeuw later had het met een team van 25 medewerkers een marktaandeel van meer dan 50% in slijpen.
Hoe Gerrit-Jan dat succes verklaart? "We hebben altijd op expertise ingezet. De machines in ons gamma staan voor topklasse, tot de laatste micron. De tweede sleutel tot ons succes is service. We wilden altijd meer zijn dan een doorgeefluik en toegevoegde waarde bieden. Weet je dat onze kennis over slijpen tot aan de andere kant van het IJzeren Gordijn geraakt is? In het kader van een technologietransfer naar Rusland, mochten wij onze slijpmachines en expertise leveren aan de Nederlandse firma die daarvoor instond. Van samenwerken word je beter", vertelt Gerrit-Jan.
Open voor automatisering
Dat sterke serviceteam van De Ridder telt inmiddels 40 medewerkers. Die staan in voor veel meer dan alleen slijpmachines in Nederland. Doorheen de jaren verruimde de blik naar andere bewerkingen (vonken, draaien en frezen) en naar andere regio’s (België en Luxemburg). "We willen ons de komende jaren daar nog steviger op de kaart zetten."
"We willen ons de komende jaren daar nog steviger op de kaart zetten"
Maar ook naar een andere maakindustrie. "Er is hier in Europa de laatste 50 jaar een stukje vakmanschap verloren gegaan. Daarom moeten onze klanten steeds meer richting automatisering kijken. Ze vinden gewoon geen mensen meer. Maar om automatisering goed werkend te krijgen heb je knappe koppen nodig met goede handen. Dat kan artificiële intelligentie niet zomaar overnemen."
Hoe die automatisering er precies moet uitzien, verschilt te hard van klant tot klant. De Ridder kiest daarom voor een open blik. "We hoeven het wiel niet uit te vinden als er al goede technologie op de markt is. De klant bepaalt, maar wij kunnen hem met ons serviceapparaat wel ondersteunen om alles operationeel te krijgen. Daar is weer die toegevoegde waarde, daar is weer dat samenwerken."
Terugblik op impact
Automatisering heeft de toekomst dus. Toch gunt De Ridder zich naar aanleiding van het jubileum ook nog eens een blik achterom. Niet met een klassieke huisshow met machines, wel met een ode aan de toepassingen waar die verkochte machines de afgelopen 50 jaar allemaal voor gediend hebben. "We gaan tonen aan welke technieken en producten we met ons leverprogramma hebben bijgedragen. Welke concrete impact we gemaakt hebben op het dagelijkse leven van mensen. Van Philips-scheerapparaten, over kaasbollen, tot gebedsnoten. Dat is best wel een mooi rijtje waar we fier op mogen zijn."
"50 jaar vooruit kijken kan ik jammer genoeg niet. Ondernemen is er een pak moeilijker op geworden de laatste jaren"
Passie gebleven
En wat dan met de toekomst. "50 jaar vooruit kijken kan ik jammer genoeg niet. Ondernemen is er een pak moeilijker op geworden de laatste jaren. Je moet je oren en ogen openhouden en snel schakelen als het nodig is. Maar ik geloof heel hard in het team dat we hier hebben opgebouwd om onze dienstverlening naar een nog hoger niveau te tillen."
Stoppen, neen, daar denkt hij nog niet aan. "Alles is weliswaar geregeld om de continuïteit van het bedrijf te verzekeren voor de volgende 50 jaar. Maar ik vind het gewoon nog veel te leuk om doen. Een van onze monteurs is sinds vandaag met pensioen. Binnen enkele dagen komt hij al terug om bij te springen: hij kan het niet loslaten. Ik zou ook zo zijn: ik voel nog te veel passie om te stoppen."

