naar top
Menu
Logo Print
22/02/2018 - JONAS VERHOEST

HOE GAAN WE EFFICIENT PRODUCEREN IN 2020?

Zeven experts bekijken de maakindustrie van morgen

Tijdens het MTMS Network Event (MNE) lieten drie technologie-experts en vier CEO's uit de maakindustrie hun licht schijnen over de doelstellingen en uitdagingen van de sector naar 2020 toe. Op welke manier moeten bedrijven zich klaarmaken voor de maakindustrie van morgen? Moeten we het product, het proces of de strategie innoveren? En wat is de rol van operator in de steeds digitaler wordende industrie? Op deze vragen gaven de panelleden hun visie en probeerden ze enkele pasklare oplossingen aan te reiken.

MANUFACTURING 2020

MTMS Network Event
V.l.n.r.: Bart Van der Schueren (Materialise), Prof. Dr. Ing. Bert Lauwers, Dirk Torfs (Flanders Make), Luc Bovijn (Dana), Marc Lambotte (Agoria), Stefaan Boterberg (Duracell Batteries, Patrick Dooms (Daikin)

We staan aan de vooravond van 2020 en heel wat bedrijven zijn op zoek naar efficiëntieoplossingen. Bij het klaar zijn voor de toekomst horen we vaak dat digitalisering een erg belangrijke rol speelt. Het aanpakken van de uitdagingen van morgen was de onderliggende gedachte van deze ideeënwisseling tussen zeven experts binnen de maakindustrie. Dirk Torfs van Flanders Make, Prof. Dr. Ing. Bert Lauwers, Bart Van der Schueren van Materialise, Luc Bovijn van Dana, Stefaan Boterberg van Duracell Batteries en Patrick Dooms van Daikin spraken onder leiding van Marc Lambotte, CEO bij Agoria, over hoe zij de sector zien evolueren en hoe zij hun onderneming, organisaties en de markt klaarmaken voor 2020.

DIGITALISERING

Industrie 4.0 of digitalisering, het zijn termen die te pas en te onpas worden gebruikt. Er zijn zowel voor- als tegenstanders, maar één ding staat vast: we kunnen niet meer zonder. Patrick Dooms, Department Manager Production & Production Engineering bij Daikin, stak van wal: “Het is in de eerste plaats belangrijk altijd een doelstelling voor ogen te hebben. Digitaliseren om zomaar te digitaliseren kan niet bevorderlijk zijn. Er moet een duidelijk afgebakende doelstelling zijn waarom men gaat digitaliseren. In de productie komt dit vaak neer op een efficiëntie- en/of kwaliteitsverbetering."

PRODUCTINNOVATIE

Volgens Dirk Torfs, CEO van Flanders Make, moeten bedrijven zich instellen op de steeds digitaler wordende wereld en meer innoveren. “Het is voor bedrijven een drempel om geldte investeren in onderzoek naar productieprocessen en productinnovatie. Dat is fout. Er moet fundamenteel worden geïnvesteerd om X aantal jaar later te kunnen profiteren vande Return On Investment. Vanaf dan worden er heel grote stappen voorwaarts gezet. Bedrijven die daar vandaag op inspelen, worden de lead plants van morgen."

DATA CAPTURING

Bart Van der Schueren verzamelt met Materialise al een hele tijd allerhande data: “Data Capturing is niets nieuws. Het enige verschil met vroeger is dat we vandaag heel snel en goedkoop data kunnen verzamelen. Een teveel aan verzamelde data is niet erg. Daarin kunnen namelijk de oplossingen te vinden zijn voor de problemen van morgen. Anderzijds moeten we steeds de vraag stellen hoe we data nuttig kunnen inzetten. Op welke manier kunnen data een meerwaarde creëren voor uw bedrijf? Op die vraag moeten bedrijven een antwoord hebben voor ze volop inzetten op digitalisering."

"We moeten ons de vraag stellen hoe we data nuttig kunnen inzetten"

Duracell Batteries verzamelt een enorme hoeveelheid aan data. Zij hebben nagedacht over hoe ze die data efficiënt kunnen inzetten. “We hebben alle systemen met elkaar verbonden, en van elke batterij die wordt gefabriceerd, wordt een virtuele tweeling gecreëerd. Wanneer we feedback van een slechte batterij krijgen, dan maken we een analyse van de virtuele tweeling en proberen we het probleem in de toekomst te verhelpen. Met behulp van de virtuele replica's worden we steeds efficiënter en op termijn kwalitatiever", licht Stefaan Boterberg toe.

OPERATOREN

De operator van vandaag is niet de operator van morgen. Takenpakketten en werkopdrachten verschuiven en we staan op een punt dat veel kennis de sector zal verlaten door de vele pensioengerechtigde operatoren. Een heleboel medewerkers moet worden voorbereid op de taken van morgen. Hoe kunnen we dit het best aanpakken? Dirk Torfs vindt dat de operator niet het gevoel mag krijgen dat hij ondergeschikt is aan de machine. “Mensen moeten betrokken worden in het proces. De technologie moet ter beschikking worden gesteld van de operator, maar hij moet zich steeds belangrijk voelen en effectief een bijdrage leveren aan het proces. We moeten duidelijk aantonen wat die evolutie hen kan bijbrengen." Nog volgens Dirk Torfs moeten scholen sneller de technologieën in het onderwijs brengen. “De nieuwste technologieën moeten in basisversies ter beschikking van scholen worden gesteld. Daar hebben we echt wel een omwenteling nodig qua mentaliteit, maar zeker ook qua financiële middelen."

Prof. Dr. Ing. aan de KU Leuven Bert Lauwers denkt dat de machines steeds meer gaan evolueren, en naarmate de evolutie zal de digitalisering sterker worden: “Machines worden stap voor stap intelligenter, dat is een continu proces. We moeten enkel erover waken dat het voor iedereen vatbaar blijft.De operator moet op een eenvoudige en aantrekkelijke manier kunnen interfereren met de machine of het systeem. Je kunt het vergelijken met een wagen: ook die worden steeds complexer, maar de basis blijft nog altijd hetzelfde. De chauffeur wordt ondersteund door allerhande elektronica, waardoor hij met meer comfort of veiligheid kan rijden."

Duaal leren

Iets wat naadloos aansluit bij het creëren van nieuwe middelen voor scholen, is het duaal leren. In het panel zitten bedrijven die zowel goede als slechte ervaringen hebben ermee. Patrick Dooms is gestart met een pilootproject met twee studenten, die een duaal traject doorlopen. “Het is een win-win voor iedereen. Gemotiveerde mensen krijgen enerzijds begeleiding in het werkveld, en anderzijds verkleint het voor ons de drempel hen na de opleiding aan te trekken", vertelt hij. Niet alle bedrijven hebben echter een even goede ervaring met het duaal leren. Stefaan Boterberg: “We zijn enthousiast om in het verhaal te stappen, maar dan moeten scholen zich wel flexibel gaan opstellen." Prof. Dr. Ing. Bert Lauwers is actief in de academische wereld en pikt in: “Ik geloof in het duaal leren, maar dan moet er flexibiliteit zijn aan beide kanten. Ik ben ervan overtuigd dat onderwijs in samenwerking met het werkveld de toekomst van het onderwijs is."

ADDITIEF VERSUS SUBTRACTIEF

Bart Van der Schueren sprak eerder op de avond over steeds efficiënter wordende 3D-printtechnieken, maar zal subtractief bewerken door de opkomst van Additive Manufacturing worden weggedrumd?

Prof. Dr. Ing. Bert Lauwers denkt alvast van niet: “Beide technieken zullen belangrijk blijven. Er treden echter wel verschuivingen op, dat is overduidelijk. We gaan steeds meer additief gaan produceren, maar voor beide is zeker een rol weggelegd."

Bart Van der Schueren gaf aan dat Additive Manufacturing voor nulseries steeds aantrekkelijker wordt. “De kosten zakken stilaan, waardoor iets grotere series en minder complexe stukken vervaardigd kunnen worden. Voor het additief produceren werken wij heel gericht samen met partners op heel specifieke vakgebieden. Zo hebben hartchirurgen een operatie op een 3D-geprint hart kunnen simuleren, of maken wij op maat gemaakte brilmonturen. Beide zijn heel specifiek, maar we creëren steeds een meerwaarde voor de gebruiker."

De algemene kostprijs van Additive Manufacturing is niet variabel te noemen. Hierdoor is het pas interessant bij kleine series of heel complexe materie. De toekomstperspectieven van Additive Manufacturing zien er echter rooskleurig uit, waardoor de algemene kostprijs daalt, en er op die manier grotere series en minder complexe materie vervaardigd kunnen worden.